Vachement bien

Echte reclameslogans verzinnen, dat doe ik niet vaak. Pakkende titels van publicaties en artikels wel.

Toen Arno enige tijd geleden overleed en ‘Putain putain’ ergens in mijn achterhoofd riedelde, viel mijn oog op de slogan die mijn koeltas siert.

‘C’est givrement bon’, en op de andere zijde: ‘Het vriest dat het smaakt’.

Persoonlijk vind ik die mooi gevonden, een fijne vertaling ook. Eentje die doet watertanden.

‘C’est givrement bon’ is natuurlijk een woordspeling op het zinnetje dat volgt op ‘Putain putain’, namelijk ‘c’est vachement bien’. En in het Nederlands is het spreekwoord ‘Het vriest dat het kraakt’ niet ver weg.

Mijn masterproef (zoveel jaar geleden) had als onderwerp de vertaling van reclameteksten. Voor mij is een goede vertaling eentje waarbij je niet ziet welke de bron- en de doeltaal zijn. En daarin slaagt deze slogan dubbel en dik.

Guido Gezellehuis

Ik schreef mee aan teksten over toeristische highlights in Brugge. Het Guido Gezellehuis is er zo eentje. Guido werd geboren in een voormalige 16de-eeuwse hovenierswoning waar zijn pa als tuinman en conciërge werkte. Hij kreeg er de liefde voor de natuur met de paplepel ingegoten. De woning en de prachtige (moes)tuin zijn een omwegje naar de rustige Sint-Annawijk zeker waard!

Verbindingverbinding

Verbinding. Een woord dat door corona aan een steile opmars bezig is. Het krijgt er wellicht enkele betekenislagen bij.

Ik luister wel eens naar een podcast van Klara. Vooral als ik te vermoeid ben om te lezen. Onlangs koos ik voor de podcast Zeitgeist- Een gezonde geest in een gezond lichaam. Om de gezondheidscrisis beter te kunnen plaatsen in mijn hoofd.

Niet dat ik dit per se moet doen voor mijn werk als redacteur. Ik schrijf natuurlijk wel regelmatig over testcentra, vaccinatie, maatregelen, covidphishing en dies meer. Maar dat is vooral feitelijke informatie. Geen reflectie. Toch maakt reflectie over een thema het schrijven leuker. Het geeft het meer zin. Je voelt meer -hier komt ie … -verbinding.

Eigenlijk vind ik het best zo. Reflectie in de vrije tijd. De actie in de werkuren. Liever niet omgekeerd.

3 ongewone schrijftips

Veel websites en blogs geven schrijftips. Ik geef er 3 plezante

Laat je meevoeren in een fietskoets. Een riksja. Praat met de chauffeur. En schrijf erover (met dank aan Fietskoets Brugge).

Ga wandelen. Kijk naar pony’s. Je hoofd wordt leeg. Maar je pagina raakt vol (dank u lieve pony’s op de trage weg).

Laat je een chococino serveren. Door iemand die van je houdt. Inspiratie volgt vanzelf (thanks to my husband).

Speedpedelec

De speedpedelec (schrijfwijze volgens vrttaal.net) kruiste meermaals mijn route afgelopen week. Weggebruikers ergeren zich wel eens aan de rotvaart die de ‘Shinkansen’* onder de elektrische fietsen aankan. Zelf juich ik de e-bike alleen maar toe. Alleen … dringt weer een Engelse term onze taal binnen. Nochtans goed gevonden van de Engelsen: speed (snelheid) + pedal (pedaal) + elec (elektrisch). Vrttaal vernederlandst de schrijfwijze door de 2 termen aan elkaar te schrijven. Dat is al iets. Van Dale lijkt op zoek te zijn naar een echt Nederlands vervangwoord. Waarom nemen zij anders speedpedelec (nog) niet op in hun woordenlijst? (De e-bike is wél aanvaard.) Welk Nederlands alternatief kan het vlot over de tong rollende en al vrij ingeburgerde speedpedelec naar de achtergrond duwen? Spreken we binnenkort over een snelpeddelek? Of een sneltrapfiets? Een snelpeddelaar? Of een snelekfiets? Wat zal het worden …?

*Shinkansen: Japanse hogesnelheidstrein

speedpedelec Nederlands